informatie
de Rechters



terug

.



Het wedstrijdelement bestaat uit het beoordelen van het spel van beide teams. Een ter zake kundige jury (de rechters), geven hun waardering door middel van punten van 0 tot 5 voor het vertoonde spel. De eerste taak van de rechters is het bewaken van de voortgang van de wedstrijd. Om te zorgen dat de gehele voorstelling voor spelers en publiek interessant blijft moet er vaart in de wedstrijd blijven. Dat betekent vooral dat de rechters erop letten dat er niet te lang wordt stil gestaan bij zaken die niet direct met spel te maken hebben. Daarnaast dienen rechters er op toe te zien, dat het spel aantrekkelijk blijft (wordt). Dit bereiken ze onder andere door er voor te zorgen dat er voldoende variatie is. Als er te weinig variatie in een wedstrijd zit, grijpen de rechters in door zelf de spelvorm te bepalen. Wordt er teveel gepraat, dan kan men uitdagen tot een non-verbale scène. Of een scène met diepgang en wanneer die ontbreekt.

Een taak van de rechters is ook het doorhakken van knopen, wanneer het voor de spelers niet duidelijk is, welke locatie, relatie, etc door het publiek wordt gegeven. De regel is, dat de spelers moeten werken met het eerste gegeven, dat door het publiek aangedragen wordt. Dit is echter niet altijd mogelijk. Vaak worden meerdere gegevens tegelijkertijd geroepen. De rechter moet dan ingrijpen en een keuze maken. Rechters moeten ook ingrijpen, als het gegeven uit het publiek niet geschikt, seksistisch, racistisch of iets dergelijks is. Onder niet geschikt valt bijvoorbeeld ook de herhaling van een suggestie die eerder die wedstrijd al een aantal keren is geroepen. Na drie keer 'zwembad' willen zowel spelers als publiek wel weer eens een andere locatie.

De rechters moeten zorgen voor een goede voortgang van zowel de hele wedstrijd als de afzonderlijke scenes. Doordat bij theatersport alle scènes geïmproviseerd worden, komt ook wel voor dat een scène niet loopt. De rechters moeten dan ingrijpen. Een slechte scène is voor niemand prettig. Voor het publiek niet, maar voor de spelers evenmin. Het is beter in te grijpen, dan de spelers lang door te laten modderen. Als de spelers in een scène moeite hebben om een thema of probleem te vinden, of als de spelers een potentieel goede scène maar niet weten af te ronden, kunnen de rechters de scène stilzetten en aan het publiek om een suggestie vragen. De vraag die het publiek gesteld wordt moet zo concreet mogelijk zijn.

De 30-seconden-regel gebruiken de rechters, als een scène te lang duurt. De belangrijkste dingen zijn al gebeurd en de scène wacht eigenlijk alleen nog maar op een eind. Soms gebeurt het dat spelers dit einde onnodig lang uitstellen en steeds opnieuw nieuwe spel impulsen geven. Als het spel saai wordt, moeten de rechters de afweging maken of ze een suggestie uit de zaal vragen, of 'nog 30 seconden' geven.

De rechters moeten controleren of de spelregels worden gevolgd en indien nodig 'straffen' uitdelen. Naast de regeltjes van een game zijn de belangrijkste regels: Spelers mogen geen spel impulsen van medespelers blokkeren. Strafmaatregel is de gele kaart. Spelers mogen geen racistische, seksistische, en andere 'kwetsende' opmerkingen maken. Met als strafmaatregel de rode kaart. Een gegeven gele kaart wordt gestraft met het spelen van een decorstuk in de eerste scène van de tegenstander. Een rode kaart wordt gestraft met een solo van een minuut. Het onderwerp van de solo wordt gevraagd aan het publiek. Straffen uitdelen wordt vaak gewaardeerd door het publiek. De rechters moeten echter wel geloofwaardig zijn. Straffen om het straffen wordt weer niet getolereerd.

Tijdswaarneming: Voor een aantal spelvormen is het nodig de tijd waar te nemen. Ook dit is een taak van de rechters. Daarnaast moet iemand na een 'nog 30 seconden' de tijd bijhouden. Ook is het bij sommige spelvormen gebruikelijk dat de rechters de tijd roepen. Bij de spelvorm Cluedo roept men bijvoorbeeld 'nog 1 minuut' en 'nog 30 seconden'. Als de tijd om is, blaast een van de rechters de toeter. De spelers moeten dan direct stoppen met spelen.

Amusement (is het leuk, ontroerend of juist spannend om naar te kijken) Sommige rechter verstaan onder amusement het aantal keren dat men heeft gelachen. Weer andere rechters gebruiken dit instrument om te reageren op de inhoud: 'ik houd niet van ijs'. Amusement is eigenlijk de enige van de drie beoordelingen, waarbij dergelijke beschouwingen mogen meewegen. De rechter amusement zou niet alleen naar humor moeten kijken. Sommige scènes zijn mooi, interessant om naar te kijken ook zonder dat er hardop om gelachen moet worden. Een dergelijke scène verdient net zo goed een hoge amusement waardering. De beoordeling voor amusement staat bijna altijd een beetje los van de andere twee. Het blijft een kwestie van smaak, gevoel voor humor, etc. Bovendien kan een rechter iemand gewoon willen belonen, omdat-ie erg z'n best heft gedaan, al is het een en ander niet helemaal uit de verf gekomen.

Techniek (is de game op de juiste manier toegepast) wordt beoordeeld op een aantal categorieën: definiëren, de theatersportregels, samenspel, verwerken van uitdaging in de game. Onder definiëren wordt het neerzetten van het decor en de decorstukken, met behulp van mime-spel, verstaan. Als men eenmaal iets gedefinieerd heeft, zal je die definitie de rest van de scène vol moeten proberen te houden. Ook personages worden gedefinieerd. Ook hiervan moet in de loop van een scène zo min mogenlijk afgeweken worden. Een bakker blijft bakker en wordt niet ineens slager. Hij mag natuurlijk wel naast bakker ook vader zijn. Alle spelers proberen zich aan die definities te houden, zowel de speler die bakker speelt, als de andere spelers, die hem of haar aanspreken. Bij dubbelrollen moet daarom goed duidelijk zijn dat een ander personage gespeeld wordt, dit om misverstanden te voorkomen.
De belangrijkste typische theatersportregel waar rekening mee moet worden gehouden, is het niet blokkeren, dus altijd accepteren. Wat ook meeweegt is, of de spelers het zichzelf makkelijk of juist moeilijk hebben gemaakt. Spel wordt vaak interessanter als een speler het zichzelf moeilijk maakt.

Inhoud beoordelen (gaat het ergens over, wordt er een verhaal verteld) is vaak een lasige, aangezien het erg moeilijk is hierbij vaste regels te formuleren. Enkele richtlijnen zijn echter wel te geven; is er een reden tot handelen? In een scène wordt in het begin een ideaal gekozen. Dit kan het goed willen kunnen afwassen zijn, het halen van de bus, etc. De rest van de scène wordt ingevuld met pogingen om dit te bereiken. Aan het eind is het bereikt, of niet. Bij veel spelvormen hoeft het ideaal niet groot te zijn.
Bij inhoud hoort ook het omgaan met de gegevens die het publiek of de rechter gegeven heeft. Iedere gebeurtenis op het podium zou in principe iets te maken moeten hebben met het ideaal en de manier om dat te bereiken. Om dat te kunnen bereiken moeten spelers het aantal gegevens beperkt proberen te houden. Meer gegevens betekent immers, dat meer dingen terug moeten komen. Vaak zijn dit soort gegevens dan ook een vorm van uitstel. Iets waar ook opgelet moet worden.
Een andere afweging bij de beoordeling van de inhoud gebeurt aan de hand van de uitdaging. Als men is uitgedaagd tot het spelen van een "stoffige scène", dient dit 'stoffige' ook terug te komen in het verhaal.